Een seconde

Wat kun je schrijven over een seconde. Wat gebeurt er in een seconde? En beschrijf dat, zoom in op die gebeurtenis.
Dat was de opdracht in de schrijfcursus.
Je kunt vallen, verongelukken, boos of blij worden, een inzicht krijgen, een aanslag meemaken of verliefd worden. En daarover schreef ik het volgende verhaal.

Zo blauw.

Het trof me, als een bliksemschicht.
En dat was al heel heel lang geleden, dit gevoel. Mijn maag zakte een stukje naar beneden, mijn knieën knikten en ik hapte naar adem.
En wat was het nou? Wat was het waardoor dit kwam? Ik ken hem al jaren, hij heeft die zwarte glanzende krullen al die tijd al. Zijn ogen waren altijd al zo blauw,, dat moet wel. Ik heb er eerder nooit zo op gelet.
Maar nu, nu hij mij van onder die krullen zo stalend aankijkt nu, nu hij mijn hand pakt, zijn duim die mijn palm licht streelt nu…. Verliefd.

Zouden de spieren van mijn maag opeens uitrekken, zo voelt het wel. En ik krijg een vuurrode kleur, ik voel mijn wangen warmer worden. Mijn palm met zijn strelende duim wordt zweterig. Dat is dan weer minder. Ik staar in die blauwe poelen. Zei hij nou iets? Vast wel maar ik heb het niet gehoord. Het komt dus ook niet door wát hij tegen me zegt. Misschien door hóe hij het zegt? Warm, vriendelijk, geamuseerd, precies passend bij die blik uit die blauw, blauw, blauwe ogen. En een van zijn krullen onderstreept het door precies midden op zijn voorhoofd opgewekt mee te dansen. En dat alles maakt dat ik hem plotseling anders zie.

Hij is de beste vriend van mijn man. Hij komt hier al tientallen jaren op feestjes. Ik kreeg even zoveel flessen wijn, bloemen en boeken van hem. Maar nu zie ik hem voor het eerst. Echt. Zijn wimpers die glanzend op zijn bruine wangen vallen, zijn mond die prachtig rood afsteekt tegen zijn perfect geknipte snorretje. Het oorbelletje in zijn linkeroor. Zijn overhemd met twee knoopjes open, een plukje borsthaar. Waarom zie ik dat nu pas?
Ik wil, ik wil hem, in zijn armen, in zijn omhelzing, zijn huis, zijn leven, zijn bed. Ik val bijna door mijn knikkende knieën. Hij vangt me op, ik lig in zijn armen precies waar ik wil zijn.

HOLA, hoor ik opeens achter me en zijn vrouw helpt me in een stoel.

Marina