Maximum

De conducteur fluit, de trein vertrekt precies op tijd, de vorige keer had ik het te krap gepland en waren de kopers er al, nu wil ik de eerste zijn.
Tegenover mij peuzelt een meisje aan haar kroket. Ze prikt met een plastic vorkje totdat een stukje loslaat van de korst en schept het in haar mond. De geur van vlees prikkelt mijn neus. Dan schudt ze de batterij uit haar mp3 speler en gooit die in het vuilnisbakje.
Ik bijt op mijn lip, niets zeggen, bemoei je er niet mee. Ik ga op mijn handen zitten.
Rood geverfde haren met zwarte uitgroei, plastic oorbellen, bleek gezicht met zwarte randen onder haar ogen. Een grote zwarte tas. Haar hoofd beweegt heen en weer op de maat van de net hoorbare beat.
Ik staar naar het vuilnisbakje. Daar onderin, onder een laag van servetjes, bekers en blikjes ligt een gifpakketje klaar om voor eeuwig in het milieu te verdwijnen. Als zij eerder uitstapt dan ik, pak ik ze. Zo niet dan stap ik gewoon kalm de schuifdeur door. Ik wil zuchten maar ik klem zo lang mogelijk mijn lippen op elkaar, rustig adem ik uit.
Als de trein nu maar geen vertraging krijgt.

Straks weer het huis, het lege huis. Ik zie al het plakband van het papier met “te koop” achter het raam van de erker, het heeft losgelaten. Condens druipt in stralen langs de ruiten. Het is er koud.
Ik kan niet zo goed tegen de vragen van potentiële kopers. Die gaan ze weer stellen. Of er dubbel glas in zit. ‘het is nog in authentieke staat’ dreun ik in gedachten de tekst van de advertentie op.
Ik zit op de trap terwijl ze boven rondlopen en de geuren van het huis zullen me terugvoeren naar mijn ouders. Nog maar vier weken geleden, in de kamer.

Mama was even naar de keuken om koffie te halen, papa zat onderuit gezakt op de bank. Hij omklemde de leuning alsof hij zijn portefeuille beet had. Hij zei niet veel vandaag, had me gevraagd hoe het ging. Ik vertelde over het congres van ‘cradle to cradle’; de nieuwe milieubeweging. Hij had afwezig naar buiten zitten kijken. Meestal zat papa er meteen bovenop en verweet mij dat ik bij de milieumaffia hoorde en mensen die een rustige oude dag verdiend hadden in de kou wilde zetten. Dat was dan een zoon van hem. Ze hadden er hard genoeg voor gewerkt.
En dan kwam de wederopbouw aan de orde. Vooral dat het nooit meer zo koud was als toen.
Nadat ik de klokthermostaat cadeau had gegeven was de reactie bijna voorspelbaar.
Papa zei dat hij liever doodging dan zich door apparaten het leven voor te laten schrijven en dat hij zelf wel bepaalde wanneer hij naar bed ging. Sinds die tijd zette ik wanneer ik op bezoek was de thermostaat op klok in de wetenschap dat papa hem meteen weer op maximum zou zetten als ik weg was.
Mijn moeder kwam binnen met de koffie toen ik weer ging zitten. Ze redderde met kopjes en schoteltjes en plofte naast papa op de bank. Ze schoof wat met haar billen heen en weer en zei.:
Koffie, lekker, wat hebben we het toch goed hè pa?’
Papa bromde wat.

De trein dendert over een brug, het grauwe water ligt in de diepte. Het meisje drukt op de knopjes van de mp3 speler trekt haar benen naast zicht op de bank. Ze ruikt vaag naar sigarettenrook.
Vooral de geur van het huis staat me tegen, het ruikt niet meer naar mijn ouders, de boenwas, koffie en oude vloerbedekking, maar naar verse verf en luchtverfrisser. Zo onbekend. Het ruikt ook niet meer naar die nacht.

Gerinkel wekte me. Het hield niet op, het bleef maar doorgaan, het was donker. Ik graaide naar mijn mobiel.
‘Ja?’
Het duurde even voordat ik in de overslaande stem die van de buurvrouw van mijn ouders herkende en toen was ze al halverwege haar verhaal.
‘ … duurde zó lang, ze rollen nu hun slangen uit en eentje is naar binnen maar er komt allemaal rook uit het raam en… oh Leon, kom gauw hier naartoe want het is niet goed hoor.’
‘Maar ik ben vanmiddag nog geweest.’
‘Je moet snel komen Leon, ben je wel wakker? Je moet komen hoor.’
Op de rand van mijn bed probeerde ik me te herinneren wanneer de eerste trein ging. Maar dit was een noodgeval, ik kon beter de auto van de buurman gebruiken. Anders zou ik te laat kunnen zijn. Veel te laat… waarvoor wist ik nog niet.
Ik merkte pas dat ik trilde toen ik de auto in de eerste versnelling probeerde te zetten. Het lukte na drie pogingen.
De wereld was donker, leeg en stil. Ik probeerde me te herinneren wat ze allemaal gezegd had. Het klonk niet helemaal samenhangend maar goed, ze was dan ook al zeventig.
Ze had rook gezien onder de dakrand en daarom meteen de brandweer gebeld. Daarna had ze aan alle deuren en ramen geklopt maar mijn ouders hadden niet gereageerd. Ze herinnerde zich dat ze een sleutel had, en was net terug bij het huis toen de brandweerauto stopte. Één brandweerman was meteen naar binnen gegaan terwijl de anderen om het huis heen liepen. Daarna had ze mij gebeld.
Hoe kon zoiets gebeuren. Er waren brandmelders, ze moeten toch wakker geworden zijn? Natuurlijk waren ze wakker geworden. Ik moest me niet zo druk maken. Buikademhaling. Ik voelde mijn buik rijzen en dalen. Zo hoog dat mijn navel het stuur raakte. Adem in… Waarschijnlijk stond mijn vader nu met die brandweerlui de laatste belastingverhogingen door te nemen. En mama baalde dat ze niet naar binnen mocht om thee te zetten voor de heren. Ik was al op de helft. Borden flitsten boven me weg, hectometer paaltjes vlogen langs. Een vrachtwagen uit Zweden. Waarom zou dat huis nu opeens gaan branden, het stond er al vijftig jaar.

Ik nam de afslag en draaide even daarna onze straat in. Het zag er heel anders uit dan ‘s middags.
Er stonden drie brandweerauto’s en een ziekenwagen. Lege slangen slingerden zich door de voordeur naar binnen. Het huis stond er nog. Het viel wel mee dus. Dat mens ook met haar paniekverhalen.
Dwars over de weg was een roodwit lint gespannen, een politieman hield de wacht. Ik zette de auto op een parkeerplek in het begin van de straat en trok de handrem aan. Het slot haperde een beetje maar toen klikte het toch dicht.
Het rook wél naar brand, verbrand plastic met een houtgeur, als de boterhamzakjes die ik vroeger in kampvuurtjes gooide.
‘Ik ben de zoon.” zei ik. De politieman tilde meteen het lint voor me op en riep ‘commandant!’ naar een brandweerman met strepen op zijn mouwen.
‘Mijn ouders, waar zijn ze?’
De commandant keek me aan, legde zijn hand onder mijn elleboog en nam me mee. Achter een van de brandweerauto’s stond de buurvrouw. Ze had een deken om haar schouders, net als in Amerikaanse series, haar dunne benen in pantoffels kwamen er stakerig onderuit. De man drukte me neer op de treeplank van de vrachtwagen.
‘We zijn blij dat u er bent meneer van Dalen, uw ouders zijn nog binnen. Ik breng u zo naar hen toe.’
‘Hoe is het met ze?’
‘Niet goed meneer Van Dalen, niet goed’
Na die eerste woorden hoorde ik hem niet meer, ik zag zijn mond open en dicht gaan. Alleen wat losse woorden bereikten me:
‘Een kacheltje.’
Een kacheltje?
‘De sprei is erop gevallen. Ze hebben niet geleden.’
Hadden ze dat oude kacheltje dan nog? Dat krampending was nog van bakeliet. Waarom, waarom, ze hadden alleen de thermostaat maar op maximum hoeven zetten. Waarom dat oude kacheltje?
‘Het spijt me. Gaat het met u?’
Hoe kon dat nou, hadden ze dat in de slaapkamer aangezet?
‘Kunnen we iemand bellen?’
Nee niemand, niemand meer. Alleen ik. Ik alleen.
Ik keek naar het huis, het zag er koud uit, verlaten, er ontbrak iets aan. Nog maar even geleden was het mijn ouderlijk huis. Nu was het alleen nog een huis.
Ze waren nog daarbinnen. Ik slikte een brok weg. Nu waren ze er nog. Ik kon mijn hoofd niet meer omhoog houden, het zakte naar mijn borst. Ik snikte. Ik zag de dunne benen van de buurvrouw voor me en voelde een hand op mijn schouder.

De trein stopt, nog steeds op tijd, het meisje loopt vlak voor me door het gangpad en stapt de wagon uit. Haar schoudertas zwiert achter haar aan.
Het is me gelukt, deze keer heb ik me er niet mee bemoeid, de reizigers zijn veilig.
De trein met de batterij rijdt weg.

Marina van Alphen

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s